Tot zover

Ik heb haar vanmorgen opgehaald, Jitsche. De strooibus zat in een mooi vilten tasje dat goed in m’n rugzak paste. Dat vond ik fijn, want ik was van plan ook nog even naar de Albert Cuyp te gaan.

Daartoe moest ik de hele Nieuwe Ooster door wandelen, wat ik erg passend vond. Bij de andere uitgang, of ingang zo je wilt, is een café. Dat heet Roosen Burgh. Klinkt hetzelfde als het psychiatrisch ziekenhuis waar ze ooit opgenomen was en dat ze zo verafschuwde. Hetzelfde ziekenhuis waar ik ooit m’n eerste stappen deed als verpleeghulp, overigens. Maar volgens mij hadden we uitgezocht dat dat niet in dezelfde tijd was.

Omdat Jitsche me er vaak over verteld had, over dat café – ze kon daar zo fijn in zitten en schrijven – ging ik er deze keer ook maar even met haar koffie drinken. Ik kreeg een kop koffie, zo groot dat het er twee zouden kunnen zijn, en nam een cranberrie pistache taartje.

Toen ik om me heen ging kijken zag ik dit: een oproep om je eigen rouwservies te maken. Op de tafel er naast een stapel kartonnen bekertjes, een doos kleurpotloden en allerlei stiften in soorten en diktes. Dat vond ik nou weer erg gepast, omdat Jitsche een tijdje als sport had om te kijken hoe de mensen van Starbucks haar naam zouden spellen als ze zei dat ze Jitsche heette. Ik geloof niet dat het één keer goed gegaan is. Dus ik vond het een mooie gelegenheid om minstens één goeie voor de verzameling te maken.

Dat was het eerste waar de missie me toe verleidde. Daarna ging ik met de tram naar de Albert Cuyp, al praatjes makend in de tram, omdat ik m’n OV-kaart vergeten was en nog niet bijgewerkt was in de nieuwste trend: dat je gewoon met je giropas kunt inchecken! Bij dat soort dingen moet ik ook altijd aan Jitsche denken.

Vervolgens scoorde ik, naast de gordijnenstof waar ik op uit was, allerlei verrassende dingen. Omdat de regel was, als wij op struin waren, dat als het eerste gekocht is ineens alles leuker wordt. Dus toen ik een overhemd vond voor 5 euro, verbaasde het me niks dat ik ook een ring vond. De kleur die ik zocht voor m’n gordijnen was er niet, maar ik viel voor een stof met alle kleuren van de regenboog. En net toen ik echt dacht dat ik straffeloos van de markt kon stappen, zag ik nog een broek die ik niet kon laten hangen.

Dus ik kwam erg voldaan thuis. Ze mag logeren in de kamer waar ze altijd logeerde als ze bij me was.
Nu hoop ik alleen dat ik haar niet vergeet, als ik op weg ga naar Lauwersoog!